Opleidingen

Organisatie Ontwikkelings Projecten

Coaching en intervisie

 

"Is dit voldoende onduidelijk om hieraan te beginnen?"

Zoals iedere begeleider en trainer, denk ik bij de voorbereiding van een conferentie of training goed na over het programma. Dat moet goed aansluiten op  het vraagstuk of de leerdoelen van de doelgroep. Aan het begin van zo’n bijeenkomst of traject wil ik – bij het toelichten van het programma -  de deelnemers meenemen in hoe ik denk dat we met dit programma gaan werken aan dit vraagstuk of deze leerwensen. Klinkt logisch. Maar het viel mij al vaker op dat ik met zo’n introductie zelden of nooit het gewenste effect bereikte. Geen blik van begrip; wel van enige geruststelling. Zo van: ik begrijp niet wat hij bedoelt, hijzelf begrijpt het geloof ik wel, en het klinkt wel geloofwaardig. Die blikken hebben er waarschijnlijk toe geleid, dat ik mij er op een gegeven moment op betrapte de introductie te beëindigen met de zin: “Is dit voldoende onduidelijk om hieraan te beginnen?”. In deze blog zal ik toelichten waarom ik nog steeds aan het begin van een bijeenkomst stil sta bij het geplande programma en tegenwoordig bewust zo’n introductie vaak beëindig met deze slotzin. En dat laatste niet alleen om de lachers op mijn hand te krijgen.

 

Met het toelichten van een programma creëer ik de nodige veiligheid voor deelnemers. Ik licht dan toe hoe ik de grenzen van deze veranderruimte zie: waar zal dit (waarschijnlijk) wel en niet over gaan, hoe verwacht ik dat we de beschikbare tijd gaan verdelen en waar gaan we dat doen. Dat zal iedereen vanuit zijn referentiekader begrijpen en zo’n toelichting zal wat rust en vertrouwen geven. Bovendien hoop ik met mijn aftrap invloed te hebben op een sfeer, waarin mensen zich welkom voelen en voelen dat hun inbreng wordt gewaardeerd.

 

Maar begrip ontstaat ná de ervaring; niet ervoor! Wat ik dus niet kan overbrengen is wat een deelnemer mee gaat maken. Als ik dat al onder woorden zou kunnen brengen, zou deze mijn verhaal vooraf niet begrijpen, maar alleen achteraf; na de ervaring.

 

Met mijn slotzin onderken ik dat we niet precies weten wat er gaat gebeuren. Wat er geleerd gaat worden en wat we af gaan spreken. Deze onduidelijkheid kan ik niet wegnemen. En als ik het al zou kunnen, zou ik het niet willen. Wat ik wél kan doen is deze onduidelijkheid benoemen en het vermogen om met die onduidelijkheid te leven in de groep aanboren. Om kunnen gaan met die onduidelijkheid kan er toe leiden dat we in de bijeenkomst de moed hebben om te experimenteren en op ons onze ervaringen te reflecteren. Dat wil zeggen vanuit ons beste weten durven handelen in onoverzichtelijke situaties en de spanning van het ‘niet-weten’ wat langer durven verdragen.

 

Omgaan met de onduidelijkheid over wat we mee gaan maken is het emotionele werk dat tijdens de bijeenkomst verricht moet worden. Als vooraf duidelijk zou zijn welke ervaring we zouden gaan hebben en wat de bijeenkomst op gaat leveren, zou de hele bijeenkomst overbodig zijn. Maar een bijeenkomst ingaan zonder te weten wat daar gaat gebeuren voelt voor velen als een vrije val en daar hebben we weerstand tegen.

 

Die vrije val is wel van grote invloed op de mate waarin de voornemens en afspraken worden nageleefd. Niet de uitkomsten van een overleg, maar wat tijdens het overleg gebeurt, heeft de meeste invloed op gedragsverandering.

 

Met de onzekerheid van zo’n vrije val moet niet alleen de deelnemer, maar ook de begeleider omgaan. Vandaar het advies aan begeleiders: neem je voorbereiding serieus tijdens de voorbereiding; niet tijdens de uitvoering. Dan gaat het om de uitvoering! Oftewel: wees zowel tijdens de voorbereiding als tijdens de uitvoering in het moment en zet geen gedachte, voornemen of verlangen tussen jezelf en de situatie.

 

Om bijeenkomsten te begeleiden is het dus volgens mij zinvol om:

  • vooraf na te denken over de externe veranderruimte. De grenzen waarbinnen de ‘vrije val’ zal plaatsvinden; zonder die grenzen tijdens de bijeenkomst rigide vast te houden
  • tijdens een traject of bijeenkomst de beschikbare interne veranderruimte aan te spreken. Dit zogenaamd ‘negatief vermogen’ is de ruimte die er bij de begeleider en de groep is om verrast te worden, het even niet te weten en om te gaan met het verlies van gewaardeerde maar niet meer passende overtuigingen of – in simpele bewoordingen – te kunnen (ont-)leren.

 

Wil je meer informatie over condities die behulpzaam zijn bij het creëren van een externe veranderruimte, kijk dan naar de video: 'Het creëren van een veranderruimte'. Wil je meer achtergrond krijgen over het belang van het vermogen het even niet te weten, kijk dan naar de video’s 'Negatief vermogen' (1) en 'Negatief vermogen' (2)

 


Gepubliceerd op 17 februari 2021


Abonneer op de blog

Wilt u een automatische e-mail ontvangen als er een nieuwe blog wordt toegevoegd? Vul hieronder uw gegevens in.


Naam:
Organisatie:
E-mailadres:
Verzenden

Share   Deel deze pagina op LinkedIn  Deel deze pagina op Twitter  Deel deze pagina op Facebook

Terug

naar vorige pagina